Is een finaal kwijtingsbeding wel zo finaal?

In de praktijk zien wij dat veelvuldig vaststellingsovereenkomsten worden gesloten ter beëindiging van het dienstverband. Daarin wordt meestal een zogenaamd finaal kwijtingsbeding opgenomen. Dit houdt in dat partijen verklaren na uitvoering van de in de vaststellingsovereenkomst neergelegde afspraken niets meer van elkaar te vorderen hebben. Maar is zo’n finaal kwijtingsbeding wel zo finaal? Wat nu als sprake is van een omstandigheid waarvan u als werknemer niet op de hoogte was ten tijde van het aangaan van de vaststellingsovereenkomst? Stel, u komt er enige tijd na ondertekenen van de vaststellingsovereenkomst achter dat u nog onregelmatigheidstoeslag te goed heeft volgens cao. Kunt u hier dan nog aanspraak op maken?

Uit een arrest van de Hoge Raad van 12 oktober 2012 is eerder gebleken dat een finaal kwijtingsbeding niet per definitie finaal is. Zo kon een werknemer die nog optierechten deze ook na ondertekening van de vaststellingsovereenkomst waarin finale kwijting was overeengekomen, alsnog uitoefenen. Nu de optierechten niet besproken waren tijdens de onderhandelingen, hoefde de werknemer niet te verwachten dat optierechten inbegrepen waren in de finale kwijting. (Vindplaats uitspraak: ECLI:NL:HR:2012:BX7588.)

In een meer recente uitspraak bepaalde de kantonrechter dat in geval van finale kwijting moet worden gekeken naar de betekenis die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer daaraan mochten toekennen en wat zij over en weer mochten verwachten; de zogenaamde Haviltexnorm. (Vindplaats uitspraak: ECLI:NL:HR:1981:AG4158.)

Vervolgens merkte de kantonrechter op dat de bedoeling van een vaststellingsovereenkomst is om een einde te maken aan een geschil dat tussen partijen bestaat. De kantonrechter overwoog dat bij de onderhandelingen over de beëindiging nergens een voorbehoud was gemaakt voor wat betreft de toekomstige uitbetaling van in deze casus de onregelmatigheidstoeslag. De kantonrechter wees de vordering dan ook af: finale kwijting is finale kwijting!  (Vindplaats uitspraak: ECLI:NL:RBDHA:2017:9969.)

Slotsom is dat het essentieel is om zorgvuldig stil te staan bij alle vorderingen die over en weer kunnen bestaan. Formuleer het finaal kwijtingsbeding zo specifiek mogelijk, zodat achteraf geen discussie kan bestaan. Laat u goed adviseren bij het opstellen van een vaststellingsovereenkomst om ervoor te zorgen dat er geen vorderingen blijven liggen.