Ketenaansprakelijkheid

Een werkgever is verantwoordelijk voor het betalen van loon en voor het inhouden en afdragen van loonbelasting van eigen personeel. Vanaf 1 januari 2015 is de werkgever ook aansprakelijk voor loon en loonheffing voor personeel van de aannemer c.q. opdrachtgever. Dat geldt alleen in geval van wanbetaling door de (onder)aannemer c.q. opdrachtnemer van zijn personeel.

De werkgever is verplicht om zijn werknemers op tijd te betalen. Indien een werknemer die werkzaam is in een keten zijn loon niet of niet tijdig ontvangt, dan kan de werknemer niet alleen zijn eigen werkgever, maar ook de opdrachtgever van de werkgever aanspreken. De speciaal daartoe in het Burgerlijk Wetboek in de wet opgenomen bepalingen zijn van dwingend recht. Dat houdt in dat niet bij overeenkomst van deze regels kan worden afgeweken.

Indien een werknemer onvoldoende loon ontvangt en er is sprake van een keten van bedrijven, die elk een deel van een werk of opdracht uitvoeren door middel van een overeenkomst van opdracht of een overeenkomst van aanneming, dan kan de werknemer de directe opdrachtgever van zijn werkgever aanspreken tot betaling van zijn loon. Indien ook de (rechtstreekse) opdrachtgever niet in staat is om het loon te betalen, dan kan zelfs de hoger gelegen opdrachtgever worden aangesproken. Dit is dan de opdrachtgever van de opdrachtgever. De werknemer zal wel eerst moeten proberen bij de eigen werkgever of de opdrachtgever van de werkgever zijn loon te ontvangen. Pas als dat niet lukt, dan kan de werknemer de volgende opdrachtgever in de keten aanspreken. Een hoger gelegen opdrachtgever in de keten kan proberen om een veroordeling tot betaling te verhalen op lagere opdrachtgevers.

Werknemers

Deze regeling is slechts van toepassing op werknemers en niet op zelfstandigen. De regeling is ook niet van toepassing op natuurlijke personen die een bedrijf een opdracht geven, zoals de eigenaar van een huis die een schilder inhuurt. Dat is slechts anders indien de opdrachtgever handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf.

Wat kan een werknemer doen?

Een werknemer dient bij onderbetaling het achterstallige loon op te eisen bij de werkgever of de directe opdrachtgever. Pas indien dat niet mogelijk blijkt, mogelijk na een procedure, kan de werknemer “de volgende” in de keten aanspreken.

Een werknemer kan in bepaalde gevallen ook direct naar de volgende schakel in de keten. Dat is mogelijk als de werkgever en directe opdrachtgever onvindbaar zijn, zij niet ingeschreven staan in een handelsregister, één van hen of beide failliet zijn en de boedel onvoldoende toereikend is. Dat is ook mogelijk als er een onherroepelijk rechtelijke uitspraak tot loonbetaling ligt ten aanzien van de werkgever en directe opdrachtgever, maar die niet ten uitvoer kan worden gelegd of indien de opdrachtgever met succes een beroep heeft gedaan op niet-verwijtbaarheid.

Direct naar hoofdopdrachtgever

In bepaalde gevallen kan een werknemer ook direct naar de hoofdopdrachtgever. Dat kan als het achterstallige loon na een jaar nog steeds niet is betaald of als sprake is van ernstige onderbetaling. Van ernstige onderbetaling is sprake indien al tenminste drie maanden lang minder dan de helft van het afgesproken loon, of minder dan 70% van het minimumloon en de minimumvakantietoeslag is ontvangen. In dat geval kan de hoofdopdrachtgever al na een half jaar worden aangesproken.

De werknemer dient wel eerst een vordering in te dienen bij de werkgever. Daarnaast moet hij de hoofdopdrachtgever daarover informeren. Indien de rechtbank namelijk beslist dat de hoofdopdrachtgever niet aansprakelijk is, dan kan de werknemer alsnog verhaal proberen te halen bij de eigen werkgever of directe opdrachtgever.

Hoofdelijke aansprakelijkheid

Na het aanspreken van de werkgever zijn er dus nog meerdere mogelijkheden om het achterstallige loon te verhalen. Iedere schakel in de keten is namelijk hoofdelijk aansprakelijk.

Wat kunnen werkgevers doen?

De opdrachtgever van de werkgever is niet aansprakelijk indien hij aannemelijk maakt dat hem niet kan worden verweten dat het verschuldigde loon niet is voldaan of de premie niet is afgedragen. Hiertoe moeten zowel vooraf als achteraf de nodige maatregelen zijn getroffen. Indien de opdrachtgever niet aansprakelijk is, dan kan mogelijk wel de volgende partner in de keten worden aangesproken.

Een rechter zal altijd beoordelen of de werkgever er alles aan heeft gedaan om te voorkomen dat werknemers niet of niet voldoende worden betaald. Bent u werkgever? Dan kunt u volgende maatregelen nemen:

Doe onderzoek naar de betrouwbaarheid van de opdrachtverlener. Controleer bijvoorbeeld op de opdrachtnemer is ingeschreven in een handelsregister. Zorg voor het werken met een gecertificeerde aannemer of opdrachtnemer. Zorg er daarnaast voor dat er een marktconforme en realistische prijs wordt betaald voor de werkzaamheden. Vooraf kunnen ook waarborgen tegen onderbetaling worden ingebouwd door duidelijke afspraken over de betaling van het loon op te nemen in de overeenkomst.

Indien toch sprake is van onderbetaling, dan moet u zorgen dat u direct actie onderneemt, bijvoorbeeld door te informeren naar de situatie, controle uit te voeren op de naleving van de arbeidsvoorwaarden, de opdrachtnemer te wijzen op nakoming van de uitvoeringsvoorwaarden en contractuele bepalingen of door te bemiddelen.

Deze maatregelen bieden geen garantie, maar het risico wordt zeker beperkt! De rechter zal namelijk alle omstandigheden van het geval in acht nemen, zoals bijvoorbeeld de omvang en positie van het bedrijf en/of de omvang van de opdracht.