Recht op familylife zorgt voor persoonlijk afscheid

De laatste decennia komen “samengestelde gezinnen” steeds vaker voor in de erfrecht praktijk. Meestal gaat het dan om geschillen op financieel vlak tussen bijvoorbeeld een stiefmoeder en haar stiefkinderen. Soms gaat het niet om de financiën, maar om zaken van emotioneel belang. Een dergelijk geschil deed zich recent voor en werd behandeld in kort geding.

Casus

Vader was overleden. Zijn kinderen hadden al 13 jaar geen contact meer met hem. Zij wensten echter wel afscheid van hem te nemen, maar in verband met de verstoorde verhoudingen wilden zij dat doen buiten aanwezigheid van derden. De kinderen wilden niet bij de condoleance of uitvaart aanwezig zijn.

De levenspartner van vader (die niet de moeder van zijn kinderen was) meldde dat vader niet wilde dat zijn kinderen bij zijn uitvaart aanwezig zouden zijn of anderszins afscheid van hem zouden nemen.

Belangenafweging

De rechter diende de belangen af te wegen. Het ging daarbij enerzijds om het belang van de partner om de wens van vader te respecteren en anderzijds het belang van de kinderen om afscheid te kunnen nemen. De rechter oordeelde dat het recht van de kinderen om persoonlijk afscheid te nemen is gewaarborgd  in artikel 8 van het EVRM (Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens). Dat geeft recht op het uitoefenen van “family life”. Gelet op dat recht en de onomkeerbare gevolgen die het zou hebben als de kinderen geen afscheid zouden kunnen nemen, oordeelde de rechter dat de kinderen in de gelegenheid moesten worden gesteld om, gedurende een uur buiten aanwezigheid van anderen, vaarwel te zeggen.

Niet vastgelegd

De rechter heeft daarbij betrokken dat de (kennelijke) wens van vader niet bij testament was vastgelegd. Hoe zou worden geoordeeld als die wens wel zou zijn vastgelegd, blijft voorlopig ongewis. Mocht sprake zijn van een dringende wens, zorg er dan voor dat deze goed wordt vastgelegd!

Hebt u een erfrechtelijk geschil over de wens van de overledene, neem dan contact met ons op!