Wie treft de blaam?

Vanwege een arbeidsconflict waren de gemoederen zo hoog opgelopen dat zowel de werkgever als de werknemer ontbinding van de arbeidsovereenkomst verzochten.

Casus

Werkneemster was sinds maart 2015 werkzaam als beleidsmanager en in die hoedanigheid ook lid van het managementteam van de groep ondernemingen waarvan haar werkgever onderdeel uitmaakte. De groep is gericht op onder andere buitenschoolse opvang en talentontplooiing van kinderen.

Medio mei 2017 heeft de werkgever zijn visie en kritiek op het functioneren met werkneemster besproken en op schrift gezet. Er is toen geen verbetertraject gestart of aangeboden. Enkele maanden later heeft de werkgever zonder vooraankondiging en overleg met het managementteam besloten het managementteam op te heffen. Daarmee werd de eindverantwoordelijkheid voor bepaalde onderwerpen bij werkneemster weggehaald en wijzigde haar functie. Werkneemster heeft zich verzet tegen opheffing van het managementteam, omdat zij dat ervaarde als een opheffing althans ingrijpende wijziging van haar functie. Ook heeft zij zich ziek gemeld. De bedrijfsarts concludeerde dat sprake was van een arbeidsconflict en adviseerde mediation. Toen mediation niet tot een oplossing leidde, verzochten beide partijen ontbinding. De werkgever stelde dat sprake was van ernstig verwijtbaar handelen door de werkneemster, doordat zij de situationele arbeidsongeschiktheid zou hebben uitgelokt. De werkneemster stelde dat juist de werkgever een ernstig verwijt kon worden gehandeld.

Uitspraak

Het gerechtshof diende dan ook de vraag te beantwoorden: wie treft de blaam.
De werkneemster vond het hof aan haar zijde. Volgens het hof had de werkgever met de beslissing om het managementteam acuut en zonder overleg op te heffen de verhoudingen dusdanig op scherp gesteld dat sprake is van ernstige verwijtbaarheid. Opvallend is dat het hof de omstandigheid dat de werkneemster door het handelen van de werkgever ook psychische klachten heeft ondervonden expliciet laat meewegen. De werkgever is dan ook veroordeeld tot betaling aan de werkneemster van een billijke vergoeding van maar liefst € 35.000,–.

Zit u in eenzelfde situatie en heeft u bijstand nodig?