De erflater kan in zijn testament of in de schenkingsovereenkomst bepalen dat erfgenamen verplicht zijn de waarde van de aan hen gedane giften in te brengen in de nalatenschap. Onder het voor 2003 geldende recht gold dat kinderen die tevens erfgenaam zijn verplicht waren tot inbreng, tenzij de erflater het tegendeel had bepaald. Onder het huidig erfrecht is het dus andersom. Indien de erflater heeft bepaald dat de erfgenamen verplicht zijn tot inbreng, houdt dit in dat de waarde van de in te brengen gift in mindering komt op hun aandeel in de nalatenschap. Een gift mag geen inbreuk maken op de legitieme portie van de erfgenamen. Inbreng is bovendien niet verplicht voor zover de totale waarde van de door een erfgenaam in te brengen giften zijn aandeel in de nalatenschap overstijgt. Met andere woorden: een erfgenaam hoeft nooit bij te betalen.
Op de inbrengverplichting bestaat voorts de volgende uitzondering. Een geldbedrag – maar ook goederen, zoals een waardevol schilderij – dat binnen 180 dagen voor het overlijden is geschonken, wordt als onderdeel van de nalatenschap meegerekend.