Pro activiteit vereist bij het opnemen van vakantiedagen!

Bij vakantiedagen kan onderscheid gemaakt worden tussen wettelijke en bovenwettelijke vakantiedagen. Een werknemer heeft recht op vier maal de wekelijkse arbeidsduur aan wettelijke vakantiedagen. Bij een fulltime dienstverband heeft de werknemer ten minste recht op 20 doorbetaalde dagen vakantie (dus vier weken). Daarnaast kan de werknemer op basis van de individuele arbeidsovereenkomst of een CAO recht hebben op zogenaamde bovenwettelijke vakantiedagen. In Nederland zijn 24 of 25 vakantiedagen op fulltime basis vrij gebruikelijk, zodat de meeste werknemers recht hebben op bovenwettelijke vakantiedagen.

Wettelijke vakantiedagen

De wettelijke vakantiedagen vervallen zes maanden na het jaar waarin de vakantiedagen zijn opgebouwd. Dit is slechts anders indien de werknemer niet in staat is gesteld de vakantiedagen op te nemen. Dan geldt een verjaringstermijn van vijf jaar, maar die situatie doet zich niet zo vaak voor.

Over het verval van wettelijke vakantiedagen heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ) op 6 november 2018 twee interessante arresten gewezen. Het HvJ heeft bepaald dat de werkgever een actieve informatie- c.q. zorgverplichting heeft richting de werknemer die erop gericht moet zijn om hem in staat te stellen vakantie op te nemen. Indien de werkgever deze verplichting niet nakomt, dan vervallen de wettelijke vakantiedagen niet na zes maanden en is het ook maar de vraag of de vakantiedagen zullen verjaren.

Pro activiteit

De werkgever moet kunnen aantonen alle zorgvuldigheid te hebben betracht die nodig is om de werknemer daadwerkelijk in staat te stellen de vakantie op te nemen. Dit houdt ook in dat werkgevers werknemers er op dienen te wijzen dat en op welk moment de nog openstaande vakantiedagen vervallen. Het is daarbij niet voldoende dat een werknemer verwezen wordt naar een eventueel HR-systeem waarin wordt bijgehouden hoeveel vakantiedagen openstaan en wanneer deze vervallen. Een werkgever doet er dan ook verstandig aan om iedere werknemer ééns per jaar individueel en bij voorkeur schriftelijk te informeren over het verval van de openstaande vakantiedagen.